Patiënten zijn beter af als ze sporten voor zware operatie

Kankerpatiënten zijn beter af als ze sporten voor zware operatie
Kankerpatiënten moeten vlak voor hun operatie vooral niet op bed gaan liggen. Flink sporten helpt hen om beter door de operatie te komen. ,,Tot voor kort werd de patiënt gezien als slachtoffer”, zegt darmchirurg Gerrit Slooter. ,,Als oma ziek was, zeiden de kinderen: ga maar op de bank liggen, wij zorgen wel voor jou.’’ 
 
André van den Berg (79) zit op de hometrainer en fietst rondjes alsof hij 18 jaar is. Losse handjes, geen zweetdruppel te bekennen.

,,Ik voelde me helemaal niet ziek. Nou ja, behalve die diarree dan.”
Echtgenote Toos (76): ,,Dat was al veertien dagen aan de gang. Ik zei: ‘dat is niet goed, je gaat nú de dokter bellen en laat je niet afschepen met een advies als ‘probeer eens wat extra vezels te eten’. Zijn broers zijn aan darmkanker overleden.”
André, met een plagerig knikje opzij: ,,Daar heb ik een goeie aan hè?”
Toos, bloedserieus: ,,Soms moet je doortastend zijn.”

Fittere patiënten
Toos krijgt gelijk. Haar man, met wie ze al zestig jaar samen is, heeft een tumor linksonder in zijn buik. In het ziekenhuis komt de arts met een opmerkelijk voorstel: meneer moet eerst vier weken lang naar de sportschool, drie keer in de week. Pas daarna wordt hij geopereerd. André: ,,Ik was nog nooit in mijn leven in een sportschool geweest.”

In het Máxima Medisch Centrum (MMC) in Veldhoven is dat de nieuwe aanpak. Artsen zijn ervan overtuigd dat fittere patiënten - jong én oud - beter door hun operatie komen. Het eerste bewijs werd vorig jaar geleverd bij een kleine groep darmkankerpatiënten. De groep getrainden had minder last van complicaties, zoals een longontsteking of een inwendige lekkage. Ze begonnen eerder te eten, waardoor de stilgelegde darmen makkelijker op gang kwamen. Ook lagen ze gemiddeld vier in plaats van acht dagen in het ziekenhuis.
 
Geen slachtoffer
Een lopend internationaal onderzoek onder ruim 700 patiënten moet deze resultaten nog eens bevestigen, maar daar wil het ziekenhuis niet op wachten. Vanaf deze zomer worden ook patiënten met long-, blaas- en leverkanker naar de sportschool gestuurd, gelegen op afdeling fysiotherapie van het ziekenhuis. De deelnemers krijgen ook psychische begeleiding en hulp bij gezonder eten en stoppen met roken.

Je zou denken: hadden die slimme artsen dat nou niet eerder kunnen bedenken? ,,Tot voor kort werd de patiënt gezien als slachtoffer”, zegt darmchirurg Gerrit Slooter, die het initiatief nam voor het onderzoek. ,,Als oma ziek was, zeiden de kinderen: ga maar op de bank liggen, wij zorgen wel voor jou. Inmiddels weten we dat de patiënt sneller herstelt als hij voor én na de operatie in actie komt. En dan is een rondje wandelen met de hond niet genoeg.” Slooter denkt dat het een kwestie van jaren is dat alle kankerpatiënten in ons land zich op deze manier op een zware operatie voorbereiden.

"Een rondje wandelen met de hond is niet genoeg"
- Gerrit Slooter, darmchirurg Máxima Medisch Centrum

Fanatieke deelnemer
Ondanks zijn hoge leeftijd was André van den Berg één van de fanatiekste deelnemers van het sportprogramma. Hij kocht zelfs een hometrainer om thuis extra te oefenen. ,,Ik voelde al snel dat mijn lichaam sterker werd.” Hij knijpt in zijn smalle bovenarm. ,,Je ziet het niet. Ik ben timmerman, maar bouwvakkersarmen heb ik nooit gehad.”

Eén vraag bleef knagen
André: ,,Stel dat de kanker zou uitzaaien in de weken dat ik in de sportschool was?”
Toos: ,,Als drie dokters zeggen dat het wel kan, maakt het echt niet uit.”
André: ,,Ja, dat kenne ze makkelijk zeggen. Ik zat hem wel even te knijpen.”

Tweede tumor
André heeft de pech dat er inmiddels een tweede tumor is ontdekt in zijn darm, maar dat komt volgens chirurg Slooter niet door de wachttijd. Darmkanker ontwikkelt zich zo langzaam dat vier weken wachten – overigens ook de normale wachttijd zónder sportprogramma – geen kwaad kan. Bij longkankerpatiënten is dat een ander verhaal. Hun sportprogramma is slechts twee tot drie weken. Maar zelfs in die korte tijd kunnen patiënten hun conditie daadwerkelijk verbeteren, zegt sportarts en mede-initiatiefnemer Goof Schep. ,,Een patiënt die drie weken in bed ligt levert vreselijk veel aan conditie en spierkracht in, vergelijkbaar met dertig jaar veroudering. Alle training voorafgaand aan de ingreep is dus meegenomen.” In de fitnessruimte in het ziekenhuis is altijd een fysiotherapeut aanwezig, om snel bij te springen bij pijn of andere klachten.
 
‘Relaxstoelen’
Het MMC is lang niet het enige ziekenhuis dat propagandeert dat beweging en voeding bijdraagt aan het herstel van de patiënt. In steeds meer ziekenhuizen krijgen patiënten fitnessopdrachten mee naar huis of worden gekoppeld aan een diëtist. Ook zijn er speciale hometrainers ontwikkeld waar patiënten liggend vanuit hun bed op kunnen fietsen.

Het Radboudumc gaat misschien nog wel het verste: dit academische ziekenhuis in Nijmegen deed twee jaar geleden het bed in de ban op de hartafdeling. Overdag werden de bedden aan de kant geschoven om patiënten aan de wandel te krijgen. Als alternatief werden relaxstoelen en infuuspalen met loopsteun aangeschaft. Op dit moment gaat het ziekenhuis dit op elke afdeling uitvoeren.

Meer regie
Sportarts Schep looft de vele initiatieven, maar hoopt dat de wachttijd beter wordt benut. ,,Nu is de eerste gedachte bij de patiënt: ‘help ik heb kanker, ik ga dood’. Pas wanneer de patiënt de operatie heeft overleefd, wordt de balans opgemaakt: hoeveel heb ik aan conditie ingeleverd?”

In Veldhoven was er even vrees of patiënten wel openstaan voor een intensief sportprogramma wanneer de dokter nét slecht nieuws heeft gebracht. Maar ze reageerden bijna allemaal zoals André, die binnenkort zijn tweede operatie hoopvol ondergaat: ,,Ik had het gevoel dat ik iets kon doen tot aan mijn ingreep. Het gaf me een beetje regie over mijn leven. Ik wil nog zeker tien jaar bij mijn vrouwtje blijven.”
Duizenden mensen beklommen vorige week de Alpe d’Huez om geld in te zamelen in de strijd tegen kanker.